Vers uit de kas: onze tomaten!

20/08/26

Een tomaat smaakt het allerlekkerst als je hem net van de plant plukt: nog een beetje warm van de zon, sappig en zoet. Zo hoort een tomaat te smaken. Bij Stadsjochies kweken we onze tomaten in onze eigen kas, van zaadje tot vrucht, en dat proef je in elke hap.

Waarom onze tomaten anders smaken

De tomaten die je in de supermarkt koopt, hebben vaak een lange reis achter de rug. Om die reis te overleven, worden ze groen geplukt en rijpen ze onderweg pas na, in een kist, in het donker, ver weg van de plant waar ze eigenlijk bij horen. Dat proef je: zo’n tomaat is nooit helemaal op smaak gekomen.

Onze tomaten hoeven nergens heen. Ze mogen gewoon aan de plant blijven zitten tot ze helemaal rijp zijn, kleur hebben gekregen en boordevol smaak zitten. Pas dan plukken we ze, vaak dezelfde dag nog. Dat is het verschil tussen een tomaat die “af moet rijpen” en een tomaat die mag rijpen zoals de natuur het bedoeld heeft.

Van zaadje tot plant: wij kweken zelf op

Wat bij Stadsjochies ook bijzonder is: we kopen geen kant-en-klare tomatenplanten in, we zaaien en kweken ze zelf op. Dat begint al vroeg in het jaar met piepkleine zaadjes in kweekbakjes, die we in onze kas laten uitgroeien tot stevige, gezonde planten. Zo houden we grip op elke stap: welk zaad we gebruiken, hoe de plantjes worden verzorgd en hoe ze uiteindelijk in de vollegrond of pot terechtkomen. Het kost meer tijd dan planten inkopen, maar het levert wel de lekkerste (en leukste) tomaten op.

Onze 6 soorten tomaten

In onze kas groeien niet één, maar zes verschillende soorten tomaten door elkaar. Elk met hun eigen vorm, kleur en smaak:

  1. Gele peer tomaat: een klein, peervormig tomaatje met een milde, iets zoetere smaak. Een echte blikvanger tussen de rode soorten.
  2. Cherry tomaat (oranje en rood): de vrolijke, hapklare snacktomaatjes. Zoet, sappig en zo van de tros in je mond.
  3. Rode Tros tomaten: de klassieker, geplukt mét de tros eraan. Stevig van structuur en heerlijk fris-zoet van smaak.
  4. Rode Pruim tomaten: langwerpig van vorm, met minder pit en meer vruchtvlees. Ideaal voor in de saus of op brood.
  5. Rode Ronde tomaat: de vertrouwde alleskunner. Niet te groot, niet te klein, en altijd goed.
  6. Rode Vleestomaat: de grote jongen van het stel. Vlezig, sappig en perfect om in dikke plakken op je boterham te leggen.

Zes soorten, zes smaken, en allemaal geoogst op het moment dat ze er klaar voor zijn.

Waar komt het woord 'kasplantje' eigenlijk vandaan?

Nu we het toch over de kas hebben: wist je dat het woord “kasplantje” niet zomaar uit de lucht komt vallen? Een kasplant is letterlijk een plant die beschermd, onder glas, opgroeit, uit de wind, uit de regen en uit de kou. Zo’n plant krijgt het nooit echt te verduren en wordt daardoor ook niet “afgehard”. Vandaar dat we het woord tegenwoordig ook gebruiken voor mensen: een “kasplantje” is iemand die verwend of beschermd is opgevoed en niet zo goed tegen een stootje kan, net als een plant die nooit buiten in weer en wind heeft gestaan.

Onze tomatenplanten groeien dan wel letterlijk in een kas, verwend worden ze bij ons niet: ze werken hard om die volle, rijpe smaak te ontwikkelen waar we zo van houden. Benieuwd hoe een tomaat écht hoort te smaken? Kom langs bij Stadsjochies en proef zelf het verschil tussen onze zes soorten, vers uit de kas.